2 september 2016

Pionierswerk AIVD en Counter Terrorism Group



Pionierswerk AIVD en Counter Terrorism Group (CTG) tijdelijk belangrijker dan bureaucratische regels


De Nederlandse veiligheidsdienst AIVD laat prijzenswaardig pionierswerk zien bij de oprichting van een platform binnen de Counter Terrorism Group (CTG) om sneller en beter gegevens tussen EU-landen te kunnen uitwisselen. 
Het is simpel sceptisch te zijn en redenen te vinden dat dit platform niet zal werken. Het is een ‘Hell of a job’. Er zijn nogal wat bestuurlijke en juridische hindernissen die inlichtingendiensten moeten trotseren.

Bureaucratie is dodelijk
Elk pionierswerk drijft op doorzettingsvermogen en is allergisch voor een ambtelijke omgeving. Zolang het operationele platform van de CTG ‘buiten beeld’ functioneert in het ondoorzichtige web van inlichtingendiensten is er goede kans van slagen. Want de CTG heeft geen last van EU-regels, de werkwijze is diffuus en de controle door toezichthouders is lastig. Het is moeilijk aantoonbaar wie verantwoordelijk is, omdat deze club een zwervend bestaan leidt en voornamelijk virtueel is. Dat helpt.

Het helpt wanneer durf, creativiteit en moedige initiatieven van terrorismebestrijders niet worden gesmoord door bureaucratische protocollen en politieke angsten binnen de overheid. De Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) zal moeten inzien dat controle over gegevens die de AIVD uit het buitenland ontvangt, onwerkbaar is. De toezichthouder moet zelfs terughoudend optreden in het besef dat strakke toetsing contraproductief werkt bij terrorismebestrijding.
Parlementaire controle door de commissie ‘Stiekem’ op de rol van de AIVD binnen de CTG moet worden vertraagd. Vlak voor de verkiezingen staat toch al geen enkele politieke partij te dringen om toezicht en controle op inlichtingendiensten te versterken. Zeker niet wanneer regeringsleiders oproepen tot Europese en trans-Atlantische samenwerking. Dat moet je als Nederland niet willen frustreren.

Vervalste inlichtingenrapporten
Vorig jaar werd duidelijk dat opnieuw Amerikaanse inlichtingenrapporten werden gemanipuleerd om president Obama een voorspoedig militair optreden in Syrië voor te spiegelen. Dit bericht doet denken aan vervalste Amerikaanse rapporten die in 2002 en 2003 beweerden dat Irak in bezit was van massavernietigingswapens.
Nu de Amerikaanse overheid nog steeds inlichtingenrapporten vervalst, mogen Nederlandse veiligheidsdiensten die gegevens niet zonder eigen onderzoek exploiteren. Moeten er op grond van buitenlandse gegevens nog wel veiligheidsmaatregelen worden getroffen, zoals bij Schiphol? Toch wel. De juistheid van de berichtgeving wordt terecht gemaskeerd om een hoger doel te dienen.

Wetten dodelijk voor “creatieve intelligence”
Belemmerend is dat nationale veiligheid een nationale verantwoordelijkheid is, waarmee je niet ongestraft kunt marchanderen. Zelfs wanneer je dit nieuwe internationale platform vergelijkt met succesvolle voorlopers als het Duitse Gemeinsame Terrorismusabwehrzentrum (GTAZ) en de Nederlandse Contra Terrorisme-infobox, is de vraag of het tussen EU-landen gaat werken. Helaas zorgen onderling wantrouwen en bronbescherming blijvend voor stroperige gegevensuitwisseling.
Juist dan moet je binnen Europa flexibel omgaan met onwerkbare nationalistische juridische belemmeringen. Ook de anders zo gerespecteerde "Third Party Rule" moet indien nodig worden ontweken. Die ‘derde land-regel’ houdt in dat gegevens die van een inlichtingendienst zijn ontvangen, niet zonder toestemming mogen worden doorgegeven. Die verplichting moet worden genegeerd; het dichttimmeren van wetten is dodelijk voor “creatieve intelligence’.

Toestemming minister vertraagt actie
Onnodig vertragend werkt de verplichting van de AIVD om bij het delen van ongeëvalueerde gegevens met andere landen, eerst toestemming aan de minister te moeten vragen. Die verplichting moet omwille van de snelheid worden uitgesteld. Om precies deze reden is het waanzinnig dat de AIVD straks wettelijk is verplicht bij internationale samenwerking vooraf te beoordelen of er door een dienst voldoende respect wordt getoond voor (bijvoorbeeld) mensenrechten. Denk aan betrokkenheid van een geheime dienst bij het vluchtelingenbeleid van een land. Het buitenbeleid van één land mag nooit de bestrijding van een levensgevaarlijke vijand in Nederland in de weg staan. Een heilloze weg.

Strakke wetgeving en scherpe controle zijn fataal voor succesvolle terrorismebestrijding door AIVD en Europese  Counter Terrorism Group. Die strijd tegen het terrorisme heeft nu even voorrang.

Samenwerking inlichtingen- en opsporingsdiensten in Europa
De CTIVD zegt in een toezichtsrapport van juni 2016 dat het CTG-‘platform’ nauw samenwerkt met Europese en trans-Atlantische justitiële autoriteiten, maar dat ‘de diensten hierbij natuurlijk te allen tijde de procedurele waarborgen dienen in acht te nemen.’ De CTIVD moet er echter van zijn doordrongen dat dit voor terrorismebestrijders dikwijls een onmogelijke opgave is.

De op papier grootste hindernis is het delen van gegevens door inlichtingendiensten met opsporingsdiensten. In Nederland en in Duitsland is dat niet onvoorwaardelijk toegestaan. Maar in de dagelijkse praktijk moeten de EU-landen in het ‘platform’ van de CTG wel kunnen samenwerken. Landen als Denemarken en Oostenrijk hebben nu eenmaal inlichtingendiensten, die tegelijkertijd politiedienst zijn en opsporingsbevoegdheden hebben. Informatie van inlichtingendiensten wordt binnen het ‘platform’ van de Counter Terrorism Group dus logischerwijs gebruikt bij executieve bevoegdheden. Dat kan evenmin anders bij de dagelijkse samenwerking met Europol.
De grens tussen inlichtingen- en opsporingsdiensten vervaagt. Bevoegdheden van inlichtingendiensten moeten worden aangepast of uitgebreid.

Conclusie
Het pionierswerk van de AIVD en de Counter Terrorism Group (CTG) is tijdelijk belangrijker dan bepaalde bureaucratische regels en wetten. Strakke wetgeving en scherpe controle zijn fataal voor succesvolle Europese terrorismebestrijding. Die strijd heeft nu even voorrang.


Lees ook: 
http://www.opiniestukken.nl/opiniestukken/artikel/1273/
Terrorismebestrijding-belangrijker-dan-bureaucratie 

Heeft AIVD wel ‘sleepnet’ nodig?

  Het is een knap staaltje werk dat de AIVD laat zien. Ondanks een verlepte wet uit 2002, met pre-jihadistische bijzondere inlichtingenm...